Dom en lief

‘Mag ik mama even?’

‘Wat is er dan?

‘Ik zeg het liever tegen mama.’

Ons terras zit vol met feestvierende boomer-kerels, zoals de puber achter de bar ze noemt. De oudste en bijna verjarende is de mijne, en met een biertje in de ene hand reikt hij met de andere zijn mobiel richting mij.

De bellende puber is met vrienden bij een zwemvijver, ongeveer 7 km van huis. Dat hij zelf nog belt lijkt me het beste argument om niet te gaan panieken. Dat hij zijn vader liever niet wil spreken is wel weer enigszins zorgwekkend. Op welk politiebureau kunnen we hem zo ophalen?

Ook bij mij krijgt hij het bijna zijn strot niet uit. ‘Het is zo dom.’ ‘Je mag alles zeggen, lieverd’, pers ik eruit, omdat ik eigenlijk niet alles wil horen maar dat hoeft hij niet te weten. Hij draait er nog even omheen maar heeft geen keuze. Want hij heeft dus geen vervoer meer. Want er is dus geen fiets meer. En het was ook nog de fiets van zijn broer. Alweer.

Maar – en dat is bijna onmogelijk maar echt waar – het ergste komt nog. Er is namelijk ook geen sleutel meer. Alweer.

‘Ik overleg even met, papa’, zeg ik slap. Daadkracht is mij vreemd en streng zijn is mij nooit gelukt.

Twee minuten later – en met een woest hoofd tegenover mij – bel ik hem terug en piep ik copy paste: ‘Ga maar lopen.’ ‘Oké’, bromt hij tot mijn verrassing gelaten. Geen idee wat ik had gedaan als hij in de weerstand was geschoten. Want ik vind het echt heel zielig. Al bijna donker, en zo ver. Het was echt onhandigheid en hij baalt zelf het meest. Nou ja dat weet ik niet, maar wel erg. En je moet gewoon van een fiets afblijven, al roept ie: ‘joehoe, ik sta niet op slot hoor, makkie.’  

En last but not least is het mij zelf ooit ook ‘overkomen’…

‘Dit doet hem pijn’, zegt Simon, wel streng want wel boos. Stiekem ben ik blij met al die grappende gasten met drank en chips om hem heen, best een nuttige katalysator. Het kleine drama wordt zo toch meer een klucht, of misschien zelfs een comedy.

De prutsende puber sneakt tegen middernacht het huis binnen, zonder smeulende of smalende gezichten onder ogen te hoeven komen. De geleende fiets heeft hij stiekem in het hok gezet.

Na afloop van zijn bijna 50 party – op een leeftijdsadequaat tijdstip – stuurt Simon hem een lange app, die de antiboekpuber hopelijk tot het einde zal uitlezen. Want het raakt. Dat het een domme fout is, dat papa niet blij is, maar dat hij heeft besloten niet boos te worden. Omdat dat niks helpt. Dat we een oplossing gaan bedenken – jaja, ook die zal wel pijn doen – maar dat we natuurlijk altijd van hem blijven houden. Hoeveel domme dingen hij ook nog zal doen.

En het schuurt. Want falen en teleurstellen beuken onvermijdelijk een deuk in je relatie, in vertrouwen. En dan heeft ie nu alleen nog maar z’n broers fiets niet op slot gezet… twee keer… Onnodig geld moeten uitgeven doen we al veel te vaak zónder zelf domme fouten te maken, en is niet sfeerverhogend. Frustratie, schuldgevoel, onbegrip: het doet pijn, aan alle kanten.

En toch blijft de liefde onbeschadigd. Toch? Ook een boos hoofd houdt van jou. Hoe moeilijk om dat zuiver te communiceren. En hoe moeilijk om dat te ontvangen en te accepteren. Inspiratie van ons Hemelse voorbeeld is hiervoor dagelijks nodig, voor al die dommigheden die we nog voor onze kiezen krijgen.

En een consequentie die gevoeld wordt ook natuurlijk. Daar houd ik mij toch graag buiten. Ik geef hem liever nog een extra taartje. Misschien is het best logisch dat God niet een Moeder is😉

FalcoHanger fietsstuur draagsysteem bij het Rutbeek | Falco

Permanent link to this article: http://www.leeslinda.nl/?p=1730